|
Agnus Dei
‘Agnus Dei’ - het Lam Gods. Een symbool, dat wijst op de zuiverheid van Jezus Christus, die door God, zijn Vader, werd geofferd voor de zonden van de mensheid.
Uit de tekst blijkt al, dat ook dit deel van het Requiem een gebed is, ditmaal in de vorm van een voorbede. Ik heb dit geïnterpreteerd als een voorbede van de slachtoffers om vergeving en eeuwige rust voor de zondaren - hun beulen.
Na de pizzicato-inleiding van de lage strijkers openen de houtblazers het thema, waarna de Alt en de Bariton het thema in een canon overnemen. Het koor antwoordt met ‘Qui tollis peccata mundi, dona eis requiem’. Gij draagt de zondes van deze wereld, schenk hen rust.
De viool vertolkt het thema solistisch in een variatie, waarna het eerste deel door het koor wordt afgesloten.
Het tweede deel wordt gedomineerd door een fuga-uitvoering van het thema door het gehele koor, die in een canon uitmondt en terugvoert naar een reprise van het openingsthema door de Alt en de Bariton. Na het antwoord van het koor wordt het stuk afgesloten met een slotakkoord van de strijkers.
Miljoenvoudig werd er geschreeuwd, indien men weer eens met knuppels werd geslagen. Miljoenvoudig werd er gevloekt, indien men weer eens met laarzen werd getrapt. Miljoenvoudig werd er gesmeekt, indien men was uitgekozen, om in de gaskamers te worden geduwd. En miljoenvoudig werd gebeden om wraak en vergelding voor ieder slachtoffer dat als rook door de schoorsteen van de ovens de lucht in ging.
|